In de Haarlemmermeer weet je één ding zeker: het waait er altijd en de regen valt zelden recht naar beneden. Wie hier woont en werkt, ontkomt niet aan de elementen. De fietstocht naar kantoor of de supermarkt verandert in de herfst vaak in een strijd tegen het water. Veel mensen grijpen dan naar de eerste de beste plastic jas die ze in de kast hebben hangen. Dat lijkt een prima plan totdat je tien minuten later op je bestemming aankomt. Je bent dan wel droog van de regen maar kletsnat van het zweet. Die oude benauwde jassen doen namelijk precies wat ze moeten doen: alles afsluiten. Dat is voor een fietser of wandelaar juist niet handig. Comfortabel de buitenlucht in gaan vereist materiaal dat meedenkt.


Waterdichtheid is meer dan plastic

Het verschil tussen een vuilniszak en een functionele jas zit in de techniek. Fabrikanten werken met een waterkolom om aan te geven hoeveel waterdruk een stof aankan voordat het doorlekt. Voor een klein buitje is een waterkolom van 3.000 millimeter vaak genoeg. Fiets je echter een half uur door de stromende regen met tegenwind, dan heb je al snel 5.000 tot 10.000 millimeter nodig. De druk van de wind en de beweging van je lichaam duwen het water anders dwars door de stof heen. Toch is waterdichtheid alleen niet genoeg. Het gaat om de combinatie met ademend vermogen. Je lichaam produceert warmte tijdens het trappen. Die warmte moet weg kunnen. Als een jas niet ademt, condenseert dat vocht aan de binnenkant. Het resultaat is die klamme en koude sensatie waar niemand vrolijk van wordt. Wil je een nieuwe regenjas kopen, let dan goed op het label en zoek naar termen als 'ademend vermogen' of specifieke membranen die vocht van binnenuit doorlaten.

Details maken het verschil

Een goede jas herken je vaak aan de afwerking. Ritsen zijn zwakke plekken waar water graag naar binnen kruipt. Kwalitatieve jassen hebben daarom waterafstotende ritsen of een overslag met drukknopen. Ook de naden zijn belangrijk. Bij goedkopere modellen zijn de stoffen aan elkaar gestikt en komen er regendruppels door de gaatjes van de naald. Getapete naden voorkomen dit probleem. Hierbij is er aan de binnenkant een strip over de naad geplakt waardoor de jas volledig dicht is. De capuchon is een ander punt van aandacht. Niets is irritanter dan een capuchon die bij elke windvlaag afwaait. Een verstelbare capuchon die je strakker kunt trekken rond het gezicht is in ons klimaat geen overbodige luxe. Zorg wel dat je nog goed om je heen kunt kijken in het verkeer. Sommige capuchons zijn zo diep dat ze je hele blikveld wegnemen.

Pasvorm en stijl voor dames

Jarenlang was regenkleding vooral vormloos en praktisch. Het moest je droog houden en hoe het eruitzag was bijzaak. Die tijd ligt gelukkig achter ons. Fabrikanten snappen dat het oog ook wat wil. Vooral bij dameskleding sloeg de plank vroeger vaak mis met zogenaamde unisex modellen. Die zaten te ruim bij de schouders terwijl ze op de heupen knelden. Een moderne dames regenjas houdt rekening met vrouwelijke vormen. Er is meer ruimte op de heupen en de taille is vaak getailleerd of verstelbaar met een koord. Lange jassen, de zogenaamde parka’s, zijn enorm populair in het straatbeeld. Ze bieden bescherming tot over de bovenbenen. Dat is ideaal op de fiets want je broek blijft een stuk droger. Let bij deze langere modellen wel op een dubbele rits. Je moet de rits aan de onderkant een stukje open kunnen doen om genoeg beenruimte te hebben tijdens het fietsen. Zonder die optie zit je opgesloten in je eigen jas.